Verantwoording

Het bestuur staat onder intern bestuurlijk toezicht door de toezichthoudende leden in het bestuur. Zij toetsen aan de hand van een toezichtskader drie maal per jaar of het bestuur zijn doelstellingen realiseert. Deze toezichthouder rapporteert in het jaarverslag.

Het bestuur legt extern verantwoording af aan de Inspectie van het Onderwijs. De Inspectie komt zo nu en dan langs om de kwaliteit van de scholen te beoordelen en te bewaken. De Inspectie publiceert zijn rapporten op de eigen site. Zo’n rapport bevat ook een eindoordeel. Een school kan als eindoordeel meekrijgen: voldoende, zwak of zeer zwak. Ook een goede school krijgt hoogstens het eindoordeel ‘voldoende’. Daarmee krijgt een school ook een zgn. toezichtsarrangement: basistoezicht (bij voldoende) of aangepast toezicht (bij zwak of zeer zwak).

Adviezen van de interne toezichthouder en aanbevelingen van de Inspectie nemen wij graag ter harte. Hoewel de scholen en teams alles in het werk zetten om de kwaliteit goed te houden en waar nodig te verbeteren, helpen “vreemde ogen” om weer goed te zien waar de school staat en waar verder verbeteringen mogelijk en nodig zijn. Die worden per school weer uitgewerkt in de jaarplannen.

De Koningin Beatrixschool en de Tamarschool hebben een ‘voldoende’ beoordeling en hebben daarmee beide het basistoezicht van de Inspectie.

Daarnaast laat het bestuur zijn financiën controleren door een accountant, die de jaarrekening opstelt.

Het bestuur legt van het gevoerde beleid verantwoording af aan ouders, de gemeente Den Haag en het ministerie van Onderwijs in het jaarverslag. De jaarrekening wordt daarbij gevoegd. (Zie Bestuursverslag St.SmdB jaarverslag 2016 )